Evenbeeld

Hoe zij daar zaten,
bij de groep, apart,
even het moment verlaten
en volledig in het hart.

Hun tongen spraken dromen
en likten elkaars wonden.
Ze zagen zichzelf gespiegeld
in elkanders ogen.

Ze schenen lichten
op onbeschenen plekken.
Vertelden hun gedichten.
Ontblootten hun nekken.

Er was – iets
dat begon te leven
toen zij daar zaten.
Het klopte.