overmorgen

morgen vlieg ik

dan word ik ergens wakker en is het overmorgen en daarna heb je over-overmorgen of over-over-overmorgen en dan over-over-over-overmorgen

totdat ik het genoeg vind

maar nu loop ik de mensen en de zon tegemoet
kijkend naar de grond
flitst af en toe de zon in mijn ogen
door de stalen tegels tussen de keien

goedemiddag
zou ik willen zeggen tegen iedereen
die ook alleen is.

omdat ik overmorgen niet weet
hoe ik dat zeggen moet